Icarusblauwtje in Studentenstad KCNL

Informatie laatst gewijzigd op 26-02-2021

Afbeelding van Icarusblauwtje

Het algemeenste blauwtje in Nederland is het Icarusblauwtje. De meeste vrouwtjes zijn van boven bruin met oranje vlekjes. Ze worden vaak verward met het Bruin blauwtje. De mannetjes zijn heel herkenbaar egaal blauw. De vlinder vliegt van begin mei tot begin oktober. Ze kennen drie overlappende generaties per jaar. Rupsen overwinteren in de strooisellaag of onder aan de waardplant. Ze verpoppen zich  op de grond.

Het leefgebied van het Icarusblauwtje bestaat uit kruidenrijke graslanden, en grasland in parken, wegbermen en dijken. Ze vliegen laag en snel over deze vegetatie heen en trekken zo van het ene grasland naar het andere. Het voedsel voor de rupsen bestaat uit Kleine klaver, Rolklaver en Hopklaver.

Voor het Icarusblauwtje is het vooral belangrijk dat door een gebied heen meerdere kleine kruidenrijke graslandjes liggen. De soort vertoont in Nederland een matige toename. Het is een mobile soort. Voor alle vlinders geldt dat ze vrij gemakkelijk aangereden kunnen worden. Verder is  intensief maaien en alles tegelijk maaien slecht voor vlinders (optiek). Droogte en bodemverontreiniging hebben geen negatieve werking op de soort omdat de waardplanten daar eerder van profiteren. Daarbij trekt de soort bij extreme droogte naar plekken die iets vochtiger zijn. 

 [Bron: Vlinderstichting LINK-1, Sinusmaaien LINK-2 ]

Methodiek achter een gidssoort

De biodiversiteitstresstest is een modelbenadering op basis van algemeen beschikbare data en geeft een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid weer aan de hand van gidssoorten. Gidssoorten zijn kenmerkende diersoorten omdat hun aan- of afwezigheid inzicht geeft in de kwaliteit van het leefgebied, het type leefgebied en andere meer algemene diersoorten die daarin voorkomen. Iedere gidssoort reageert anders op negatieve effecten op hun leefgebied: zogenaamde stressfactoren. De gebruikte stressfactoren zijn lichtintensiteit, geluidsintensiteit, gevoelheid voor beweging (optiek), bodemdroogte en versnippering van leefgebied (connectiviteit).

Op basis van literatuurstudie en kennis van experts zijn de reacties van de gidssoorten op deze stressfactoren gewaardeerd in een GIS-model. De combinatie tussen daadwerkelijke waarnemingen van de gidssoort, aanwezigheid van terreintypen en effecten van de stressfactoren resulteren in een kaartbeeld van geschikt, of minder geschikt leefgebied.

Door de relatie te leggen tussen gidssoorten, algemeen voorkomende soorten en mogelijke maatregelen ziet u wat u zelf kunt doen om het leefgebied te verbeteren.

Werken aan de leefomgeving heeft ook invloed op andere soorten

Andere flora en fauna heeft vaak soortgelijke eisen aan de leefomgeving. Werken aan de leefomgeving heeft daardoor ook een positief effect op andere soorten.

Filmpje: Hans Melters Icarusblauwtje LINK-3   Film Ecopedia: Graslandbeheer voor Vlinders LINK-4

Bosmuis
Konijn
 
Egel
 
Hopklaver
Gewone rolklaver
Basterdklaver
Graslathyrus
Witte honingklaver

Zelf aan de slag met maatregelen voor het verbeteren van de leefomgeving voor deze soort?

Landgebonden

Buurtgroen aanleggen

Het gebruik van groen voor waterberging en het verlagen van hittestress. Om groen te classificeren onder buurtgroen moeten groenblauwe zones voldoen aan een minimale bezetting van 0.2 hectare en een maximale afstand tot bewoond gebied van 400 meter [1]. Hierbij kan zowel gedacht worden aan parken, plantsoenen, tuinen, enzovoort. Bij het aanleggen van buurtgroen kunnen thema’s als hittestress en waterberging ook direct worden meegenomen [2].
Landgebonden

Slim bermbeheer - Het bewust onderhouden van bermen.

Intensief maaien van bermen is druk uitoefenen op de flora en fauna van de bermen. Dan is slim bermbeheer mogelijk een goede oplossing ten gunste van deze flora en fauna.
Landgebonden

Aanleggen groene parkeerplaatsen

Groene parkeerplaatsen zijn parkeerplaatsen waar natuur zo veel als mogelijk meegenomen wordt in het ontwerp [1]. Het aanleggen van groene parkeerplaatsen draagt bij aan een fijn groen woon- en leefklimaat. Daarnaast verhoogt het de waterdoorlaatbaarheid van het parkeerterrein en levert het een bijdrage aan het verminderen van het hitte eiland probleem.
Landgebonden

Stadsparken aanleggen en vergroenen

Wilt u ook meer groene verkoelingspunten in de stad? Stadsparken kunnen deze oplossing bieden.
Landgebonden

Groene daken, meer groen op het dak.

Meer groen op het dak! Dat is één van de mogelijkheden om water vast te houden maar ook om te isoleren en om met uw zonnepanelen een hoger rendement te krijgen. Natuurlijk is dit ook goed voor meer en meer soorten flora en fauna (biodiversiteit).
Watergebonden

Wadi's aanleggen: Natuurlijk vormgeven en recreatief gebruik.

Wilt u een aantrekkelijk groen aanzicht creëren rondom een woonwijk of in een nabij park? Dan is het aanleggen van Wadi’s onmisbaar.
Landgebonden

Groen rondom openbare gebouwen

Vergroening van bijvoorbeeld bedrijven, openbare gebouwen, ziekenhuizen en scholen.
Landgebonden

Voedselbos-park aanleggen

Een voedselbos-park is een voorbeeld van buurtgroen, maar dan wel één die aan heel veel verschillende gemeentelijke opgaven werkt.
Landgebonden

Tegel eruit, planten erin

Een landelijk initiatief voor burgers is om tegels te verwijderen uit voortuin of achtertuin en hiervoor in de plaats planten neerzetten.
Landgebonden

Ecologische volkstuinen aanleggen, beheren, onderhouden

Een ecologische volkstuin is geschikt voor waterberging, verlagen van hittestress en tevens werken aan de gezondheid van burgers. Een ecologische volkstuinen complex is een voorbeeld van buurtgroen, maar dan wel één die aan heel veel verschillende gemeentelijke opgaven werkt. Om groen te classificeren onder buurtgroen moeten groenblauwe zones voldoen aan een minimale bezetting van 0.2 hectare en een maximale afstand tot bewoond gebied van 400 meter [1]. In dit geval moet er gedacht worden aan plantsoenen of parken waar een ecologische volkstuinen complex aangelegd kan worden. In de stad is het belangrijk dat deze functioneel, overzichtelijk is en het er netjes bijligt. Verder zou er voor de biodiversiteit te verhogen geen vergif gebruikt mogen worden. Bij voorkeur zou er ook geen kunstmest toegestaan moeten worden. Het thema ‘Gezondheid van burgers waarborgen’ moet zeker meegenomen worden. Verder kan het thema’s hittestress ook direct meegenomen worden[2].
Landgebonden

Bloemenweide in zonneweide aanleggen

Door bloemen tussen de zonnepanelen een kans te geven kan de biodiversiteit verhoogt worden en de hittestress iets verlaagd worden. Het gebruik van groen voor waterberging, verlagen van hittestress en tevens werken aan de gezondheid van burgers

Benieuwd naar andere gidssoorten in Studentenstad KCNL?